Woensdag 17 mei 2017

401 keer gelezenNu reageren

De strijd om de laatste mijl

Gastblogger

De strijd om de laatste mijl

De strijd om de laagste bezorgkosten richting consument - met name tussen Amazon en Wal-Mart - staat hoog op de agenda in de VS. Kleinere spelers op gebied van online commerce zullen hun krachten moeten bundelen om hieraan tegenwicht te bieden. Dat kan onder meer via de standaardisatie van pakketlabels, een initiatief dat de bezorg- en retourkosten aanzienlijk kan reduceren. Wel zijn de Amerikanen daar nog niet zo ver in als wij in Europa.

Door: gastblogger Frits van den Bos

Dat werd duidelijk tijdens mijn bezoek aan de Verenigde Staten, waar ik mijn Amerikaanse collega's ontmoette en ook een aantal congressen bezocht, waaronder de Home Delivery-conference in Atlanta. Ik wilde de laatste ontwikkelingen van de online retailers volgen en de implicaties hiervan voor standaardisatie en data (o.a. van pakketlabels) in kaart brengen.

Normaliter is de VS een voorloper op gebied van online commerce, maar de standaardisatie van de 'last mile', waarvoor je uniforme pakketlabels nodig hebt, staat in het land juist in de kinderschoenen. Dat heeft wellicht te maken met het feit dat Amazon, zeg maar de leader of the pack, eigen standaarden hanteert. Het is duidelijk dat deze speler de belevering richting consument helemaal zelf wil uitvoeren met eigen robots, sorteercentra, vliegtuigen, vliegvelden en in de toekomst drones en zelfrijdende auto’s. Niettemin ziet Amazon ook de voordelen van gestandaardiseerde labels. Het maakt al gebruik van SSCC (GS1 Serial Shipping Container Codes)-labels en hanteert daarnaast nog wel haar eigen shipping codes.

Interesse vanuit de VS voor onze inspanningen om gestandaardiseerde pakketlabels te realiseren, is er zeker. Uiteindelijk leidt deze standaardisatie tot een efficiëntere bezorging en afhandeling van retourstromen. Immers, de interoperabiliteit tussen verschillende transporteurs wordt groter. Zo hoeven consumenten hun producten die ze willen retourneren, niet noodzakelijk bij de oorspronkelijke transporteur in te leveren. Ze kunnen dat doen bij het dichtstbijzijnde innamepunt, bijvoorbeeld een outlet van een supermarktketen of een postagentschap. Kortom, lagere kosten tegen een hoger servicelevel. Dat spreekt vooral de kleinere commerciële partijen aan. Vooral als zij in (online) retail willen concurreren met giganten als Amazon of Wal-Mart.

Bezorgkosten is sowieso een hot topic in de VS. Met enige regelmaat houden (online) retailers geldende afspraken tegen het licht of het niet goedkoper kan. In Europa, waar online commerce nog een groeispurt moet krijgen, zal de concurrentie tussen transporteurs ook alleen maar toenemen. We zien nu al dat het aanbod toeneemt, waarbij de concurrentie ook uit onvoorziene hoek kan komen. Kijk maar hoe een Uber de taxibranche op zijn grondvesten heeft doen schudden.

Inmiddels ben ik alweer ruim twee maanden terug van de VS-reis én druk met de voorbereidingen om het gestandaardiseerde pakketlabel in Europa te introduceren. Pilots starten, waarbij GS1 Nederland enkele retailers, bezorgdiensten en leveranciers zal betrekken. Het doel van deze pilots is duidelijk: want uiteindelijk gaat deze standaardisatie van de pakketlabels ervoor zorgen dat de pakketjes binnen Europa snel(ler), maar vooral goedkoper van retailer naar consument - en vice versa - gaan.

Frits van den Bos, innovatiemanager GS1 Nederland.

 
 

0

Onderwerp(en) & tags voor dit artikel:

- Verpakking (Logistiek)
- Pakketverzending (Logistiek)



Geef nu als eerste een reactie op:
De strijd om de laatste mijl

 









  Code (zie plaatje hierboven)



Uw reactie wordt onder bovengenoemd artikel geplaatst. De redactie van Twinkle behoudt zich het recht voor om reacties te verwijderen in geval ze niet ter zake doen, commercieel of kwetsend zijn. Alle reacties zijn te allen tijde voor verantwoordelijkheid van de inzender.